Blog Image

Nothing But Energy

Taalcafé – Gratis? Waarom?

Ontmoetingen/Uitstappen Posted on Oct 05, 2018 18:09

Wanneer ik me bij aan de tafel zet, in café CasaMundo aan het station in Menen, vraagt al snel een vriendelijke dame, die schuin over me zit, “En . van . waar . ben . jij?”. Ze articuleert heel duidelijk en spreekt traag. Op zich is het niet verwonderlijk dat ze me deze vraag stelt. Het is niet de eerste keer dat er verwarring bestaat omtrent mijn origine.

Aan de tafel zitten een aantal anderstaligen die in Menen wonen, en naast hun Nederlandse lessen, één keer per maand naar CasaMundo komen voor het taalcafé, georganiseerd door de integratiedienst van de stad. Hier kunnen ze in een ongedwongen sfeer Nederlands spreken en oefenen met vrijwilligers.

(v.l.n.r. Omid Tarachil, Haitam Achmed en Ali Khalil)

Al snel geraak ik aan de praat met de man die rechts naast me zit, Ali Khalil. Hij is afkomstig uit Irak, waar hij een textielhandel had. Sinds 1 augustus woont hij, net als zijn zus, in Menen. Daarvoor woonde hij twee jaar in Antwerpen, en nog daarvoor drie jaar en acht maanden in Brussel. Hij verhuisde naar Menen omdat het appartement waar hij gehuisvest werd in Antwerpen lekken had in het dak.

Aan mijn andere zijde zit Ann, een ‘buddy‘ die nieuwkomers helpt bij het vinden van hun weg in de stad, of helpt bij het lezen en invullen van allerlei papierwerk. Momenteel steunt ze zo twee gezinnen die haar steeds kunnen contacteren via Whatsapp.

Naast Ali zit Haitam Achmed, een stukadoor uit Syrië . Hij woont sinds twee jaar in Menen, na twee maanden in Kapellen en vier maanden in Gullegem.
Nadat ik beide heren informeer naar het traject dat ze aflegden vanuit hun thuisland naar België, begint Ali met het opsommen van de landen waar hij, hoofdzakelijk te voet, doorreisde op weg naar hier: Turkije, Macedonië, Servië, Griekenland, Hongarije en Oostenrijk. Van daaruit nam hij een vliegtuig tot België. De tocht duurde ongeveer 25 dagen en kostte hem $5000.

Haitam vluchtte van Syrië naar Turkije en vloog van daar gratis, na anderhalf jaar wachten, met een vlucht van Caritas, naar België. Ali kijkt hem met grote ogen aan en zegt half lachend, half verbaasd: “Gratis? Waarom?”. Beide mannen beginnen hartelijk te lachen. “Ik vijfduizend dollar, en jij… gratis? Met vliegtuig?”, ze lachen nog harder.

Even later komt Omid Tarachil er ook bijzitten. Hij komt oorspronkelijk uit Afghanistan en woonde, voor Menen, in Genk en Antwerpen. Zijn tocht naar België was zeer zwaar, kostte hem $13.000, duurde bijna zes maanden en ging na Afghanistan door Pakistan, Iran, Turkije, Bulgarije, Servië, Kroatië, Hongarije, Oostenrijk, Duitsland, Frankrijk, om dan uiteindelijk in België te arriveren. Hij is 21 jaar jong, maar ziet er ouder uit. De oorlog laat zijn sporen na, laat hij me verstaan. Hij toont me zijn wijsvinger, waar een stuk van ontbreekt. De Taliban knipte er een stuk af, tijdens de verkiezingen, toen ze zagen dat hij niet op de ‘juiste’ partij had gestemd. Zijn voeten laat hij niet zien, maar die werden dezelfde dag overreden met een auto, evengoed als afstraffing. “Dat was niet zo’n goede dag voor mij”, zegt hij droog. Ali begint weer te lachen: “Ook gratis?” vraagt hij, en “Was het met een kleine schaar of een tuinschaar?”. De drie mannen lachen weer hartelijk.

(rechts Melinda Hackx van de integratiedienst met naast haar stagaire Joshi Rijs)

Aan mijn linkerzijde is heeft Ria haar stoel ondertussen afgestaan aan Melinda Hackx. Zij is de dame die een vijftal jaar geleden de integratiedienst in Menen opstartte. In het begin was deze vooral achter de schermen actief om de toegankelijkheid voor nieuwkomers, binnen de stedelijke diensten, te bevorderen. Ondertussen treden ze meer op de voorgrond met o.a. initiatieven zoals dit taalcafé en het buddy-project. “In Menen heeft 22% van de bevolking andere ‘roots’, met meer dan 80 verschillende nationaliteiten” zegt ze, “maar er is nog veel werk op gebied van integratie.” Door zelf deel te nemen aan initiatieven als deze laadt ze haar batterijen, die soms in het rood komen te staan, weer op.



Sneak Peek #1

Projectverloop Posted on Oct 05, 2018 13:27

De groeiende expo verbonden aan dit residentieproject krijgt stilaan vorm. Hieronder enkele detailfoto’s.
De expo is doorlopend te bezoeken van woensdag t/m zondag tussen 14u en 17u30. Afsluitmoment op 26 oktober. Iedereen is welkom!



Jonathan Eggermont – R.E.S.P.E.C.T.

Ontmoetingen/Uitstappen Posted on Oct 05, 2018 12:30

(Jonathan Eggermont (rechts), met Jan Wielockx (links) en Jordy Calbert (midden))

“Een lokaal is een middel, geen doel op zich”, zegt Jonathan Eggermont die ik ontmoet aan ‘’t Kot’ in de Barakken. “Het zal weer hoofdzakelijk straatwerk worden, nu we het lokaal niet meer kunnen gebruiken”.
Dit weekend werd er in ’t Kot, een lokaal zonder nutsvoorzieningen dat Jonathan mocht gebruiken voor de jeugdwerking, brand gesticht. “Sinds augustus hebben we hier al problemen. Eerst werden er ruiten ingegooid, daarna braken ze in en gooiden alles overhoop, en nu dit”, zegt hij wat ontmoedigd. “Ik heb met de jongeren de laatste maanden veel opgekuist en opgeruimd, en samen met hen nagedacht hoe we deze plek konden beveiligen, maar dat is eigenlijk geen jeugdwerking meer”.

(Resten van de brandstichting, met sporen tot op het plafond)

(Eén van de gevandaliseerde lokalen)

“Vroeger was er op deze site een gebouw waar er naast de organisatie van buurtfeesten ook Arabische les en Russische dans werd gegeven. Er waren ook repetitielokalen voor muzikanten. Ook dat is verdwenen,” valt Jan Wielockx, buurtwerker voor de volwassenen, hem bij. “Er zijn meerdere gemeenschappen in Menen die gebrek hebben aan een locatie om hun identiteit te beleven”.

Er blijken wel voorstellen te komen uit de stad, zoals het splinternieuwe jeugdcentrum in park Ter Walle en de ontwijde St. Franciscuskerk, waar deken Eddy Lagae ook over sprak, maar deze locaties zijn noch voor Jonathan, noch voor de jongeren, die ik er ontmoet, écht ideaal. Net zoals Johan van Menin51 al aangaf, is het voor ‘de barakkenaars’ een drempel om de brug naar het centrum over te steken. Dit is niet anders voor de jongeren.


(Het nieuwe jeugdcentrum in park Ter Walle en de St. Franciscuskerk)

Ook een oude hoeve, die onlangs werd gekocht door de stad, en die niet ver gelegen is van de site van ’t Kot, wordt geopperd als locatie voor de buurtwerking. Wanneer ik er later langsloop, heb ik een vermoeden dat dat ook niet voor morgen zal zijn.

Eén van die jongeren is Dylan Vermote, een graffiti kunstenaar. “Op het nieuwe gebouw in Ter Walle mag geen graffiti komen en ik zie mezelf ook niet meteen op de kerk iets ‘zetten’”, zegt hij lachend. Samen met zijn vriend Hugo Vervaecke komen ze kijken naar de schade van de brand in het gebouw.

(Dylan en Hugo poseren bij een graffiti werk van Dylan)

Allebei zijn ze erg enthousiast over het werk dat Jonathan de laatste drie jaar als jeugdwerker in Menen heeft verricht. “Vroeger waren er jongeren die inbraken pleegden uit verveling, maar dankzij Jonathan, die zorgde dat er altijd iets te doen was, is dat gestopt. Hij regelde ook voor alle jongeren in de barakken een fiets, en hielp de Roma-zigeuners, die een tijd geleden verbleven op de parking van de Match, aan kleren. Hij zorgt er niet alleen voor dat er activiteiten zijn, maar met al onze problemen qua administratie en andere papieren kunnen we ook bij hem terecht.”

Jonathan is duidelijk een graag geziene gast, en een vertrouweling van de jongeren. Hij komt oorspronkelijk uit Gullegem en studeerde sociaal-cultureel werk in Kortrijk. Na zijn stage in het Rabot in Gent, kwam hij terecht bij vzw Uit de Marge in Menen. Met ‘streetsporten’ zoals freerunning, skaten en voetbal startte hij de jeugdwerking in Menen.

Ondertussen komen de jongeren zelf met voorstellen voor projecten naar hem. Naast voetbaltornooien en barbecues organiseerden ze bijvoorbeeld succesvol, en op initiatief van één van de jongeren, een Iftar; de avondmaaltijd die moslims dagelijks nuttigen na zonsondergang tijdens de Ramadan. Zowel de jongeren als de buurtbewoners toonden veel interesse, en de culturen kwamen zo weer wat dichter bij elkaar.

(Jongeren poseren naast de foto’s van de georganiseerde activiteiten in het aangebrande lokaal)

Ondanks alle moeilijkheden en tegenslagen gaat Jonathan door, en blijft hij op een positieve en hoopvolle manier naar de toekomst kijken. Persoonlijk heb ik hier maar één woord voor: respect.